|
De Picaro is nog niet aan de reis, dus ga ik deze week thuis wat nuttige werkzaamheden verrichten: mijn kamer een grote schoonmaakbeurt geven, stapels oude tijdschriften doorbladeren (en weggooien).
Sommige vrienden van het HBO hebben het ook slecht getroffen: toetsweken. Dat houdt dan in dat je vier toetsen hebt (waarvan twee herkansingen) in een toetsperiode van drie weken. Geheel toevallig worden alle vier de toetsen in de 1e week afgelegd, zodat hij de overige twee weken vrij heeft! Onder het motto “in je vrije schoolweken kom je nog ‘ns ergens”, besluiten we om Antwerpen-in-winter eens te bezoeken. Alleen het nieuwe station is de 1,5 uur vertraagde treinreis naar België al waard! Prachtige stad, ondanks een troosteloos lege Schelde en het ontbreken van echte bakkers.
Mijn vader kent het als voormalig stuurman op zee maar al het goed:
alle bagage ingepakt, van iedereen uitgebreid afscheid genomen, kortom,
helemaal klaar voor de grote reis (of ‘grote stageperiode’ in dit
geval), maar nog niet weg kunnen vanwege ladinggebrek. Ach, het zij zo.
Het is wel een mooie aanleiding om de vaderlijke verhalen boven te
halen over ‘hoe het vroeger was’; zoveel rommeliger, ongeorganiseerder
en onbezorgder dan de huidige tijd en het huidige varen.
Zaterdag komt een verlossend telefoontje: de spits Westropa ligt in
Comines en zal volgende week haar reis koolzaad naar Spyck brengen. Als
ik wil kan ik komende week met hen meevaren? Maar natuurlijk! En zo
reis ik de volgende dag met de familie Kranenburg - op de terugtocht
van het internaat - mee naar Comines.
 |
|
 |
De Westropa
|
|
Koolzaad laden
|
|